Een medicijn tegen ongelijkheid

CC: Laura Bernhardt

‘Later wil ik wetenschapper worden’, verkondigt mijn jongste halfzusje trots.

Dertien jaar oud is ze, een leeftijd waarop toekomstdromen langzaam serieuzere vormen aan gaan nemen. Als overtuigd feministe ben ik natuurlijk intens verheugd over deze loopbaankeuze. Mijn zusje ambieert geen twijfelachtige carrière als topmodel of huisvrouw, nee, wetenschapper wil ze worden. Bio-medisch wetenschapper, om precies te zijn. ‘Ik wil een medicijn tegen kanker ontwikkelen,’ verklaart ze serieus.

De inspiratiebron voor deze nobele ambitie is een docente op school die lange tijd gewerkt heeft in een laboratorium waar ze onderzoek deed naar nieuwe vormen van kankerbestrijding. Geweldig, denk ik bij mezelf, wat een overwinning voor de vrouwenemancipatie dat mijn zusje zo’n inspirerend rolmodel in haar omgeving heeft.

Maar terwijl ze haar ambities uiteenzet betrekt langzaam haar gezicht. Ze fronst haar wenkbrauwen en zegt ineens aarzelend dat ze er nog niet helemaal over uit is. Het is namelijk ook best een drukke baan, en je werkt soms wel heel veel uur. En dan zegt ze iets waarvan mijn haren recht overeind gaan staan: ‘Hoe moet dat als ik straks kinderen heb?’

Nogmaals voor de duidelijkheid: mijn zusje is dertien. Ze zit op scouting, is fan van Justin Bieber en kijkt het liefst naar Disney Channel. Dat ze zich nu al druk maakt over kinderen die ze echt nog lang niet (of misschien wel helemaal niet) gaat krijgen is beslist absurd. Zo goed en kwaad als het kan probeer ik haar gerust te stellen: ach, als je een fijne partner hebt die je steunt is alles mogelijk; er zijn genoeg vrouwen die werk en gezin uitstekend kunnen combineren. Ze knikt, maar de twijfel op haar gezicht trekt niet weg. De boodschap dat een goede moeder thuis blijft, waar ze het hardst nodig is, zit er diep in. Een carrière als wereldverbeteraar roept direct doemscenario’s over verwaarloosde kinderen op.

Hoe is het mogelijk dat anno 2014 een meisje van dertien zich nu al een ontaarde moeder voelt? Maken jongetjes die astronaut willen worden zich ook zo’n zorgen over de gevolgen van hun loopbaan voor hun toekomstige gezin? Nee, natuurlijk niet. Dat is immers niet hun zorg. Als het gaat over succesvolle mannen zijn er bovendien voorbeelden genoeg. Voor vrouwen zijn die rolmodellen een stuk schaarser. Mijn zusje moet het doen met die ene lerares, die toentertijd zelf met het werk stopte omdat ze vaker thuis bij haar gezin wilde zijn. Een valide keuze, maar niet een die al gemaakt hoeft te worden nog voor de puberteit voltooid is.

Is de emancipatie af? Nee, dat is zij duidelijk niet. We leven nog steeds in een cultuur die de ouderwetse rolpatronen op allerlei manieren in stand probeert te houden. Representatie van vrouwen in populaire media is nog altijd problematisch. In actuele praatprogramma’s zijn vrouwelijke deskundigen ondervertegenwoordigd in vergelijking met hun mannelijke collega’s. Daarnaast wordt ook speelgoed de laatste jaren in toenemende mate onnodig gegenderd.

Is er in zo’n van seksisme doordrongen cultuur ooit wel sprake van een vrije keuze voor vrouwen als het gaat om carrière maken of thuismoederen? Als mijn zusje een levensreddend medicijn wil vinden, moet er misschien eerst een medicijn tegen ongelijkheid worden gevonden.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s